DEN HELDER - Woningstichting zag zich in 2016 genoodzaakt om zes huurders uit hun huis te zetten. Hoewel elke huisuitzetting er één te veel is, prijst Woningstichting zich gelukkig dat het aantal, mede dankzij de goede samenwerking met de gemeente, zo beperkt kon blijven.   

Alleen in 2011 zette Woningstichting minder huurders uit, namelijk drie. De andere jaren varieerde het aantal uitzettingen tussen 11 en 19. Verreweg de meeste uitzettingen zijn het gevolg van structurele en uiteindelijk onoplosbare achterstand bij het betalen van de huur. De afdeling Incasso van Woningstichting voert daarin een strak beleid: al bij de kleinste huurachterstand tipt Woningstichting de betreffende huurder. Dat werkt. De meeste huurders lopen zo’n huurachterstand vervolgens zo snel mogelijk zelf in. Andere huurders hebben daar hulp bij nodig. Woningstichting en gemeente zijn met elkaar in overleg om bij beginnende huurachterstand nog concreter hulp te kunnen bieden.

Maar ondanks huisbezoek, aangeboden hulp, budgetbegeleiding etc. lukt het een klein aantal huurders uiteindelijk niet om hun achterstand in te lopen. Dan is een huisuitzetting vaak niet meer te voorkomen.

Directeur Robbert Waltmann: “Toch hadden ook deze huisuitzettingen misschien voorkomen kunnen worden als de huurders zelf op tijd bij Woningstichting aan de bel hadden getrokken. Huurders die zelf het initiatief nemen om met Woningstichting in gesprek te gaan over hun financiële situatie verdienen respect want vaak moeten zij hun schaamte overwinnen. Het beste moment voor zo’n gesprek is het moment dat men financiële problemen ziet aankomen zonder dat er al sprake is van huurachterstand. Woningstichting is dan altijd bereid om samen met de huurder naar een oplossing te zoeken.”