DEN HELDER -De rechtbank Noord-Holland spreekt een 36-jarige man vrij van mishandeling van zijn elf weken oude zoontje. Er is geen bewijs dat de verdachte de verwondingen heeft toegebracht.

Gebroken been

De ouders brachten op 17 mei 2024 hun elf weken oude zoontje naar de spoedeisende hulp in Den Helder vanwege een zwelling aan zijn rechterbovenbeen. De, de vader van het kindje, verklaarde hierover dat hij zijn zoontje diezelfde ochtend uit bed haalde, nadat hij had gezien dat zijn beentje klem zat tussen de bedspijlen. In het ziekenhuis wordt vastgesteld dat zijn rechterbovenbeen is gebroken.

Oudere letsels

Naast het gebroken been werden ook oudere verwondingen geconstateerd, namelijk een schedelbreuk, een breuk van de linkerelleboog, vier ribbreuken en in totaal zes bloeduitstortingen. De verdachte verklaarde niet te weten hoe deze verwondingen bij zijn zoontje zijn ontstaan. Wel had hij ongeveer drie weken eerder een black-out terwijl hij zijn zoontje vasthield. Daarbij drukte hij de baby stevig tegen zich aan. Hij dacht dat daardoor misschien het letsel is ontstaan, maar weet dat niet zeker.

Rechtbank: onvoldoende wettig en overtuigend bewijs

Uit het deskundigenonderzoek blijkt niet wanneer de verwondingen zijn veroorzaakt. Daardoor kan ook niet worden vastgesteld dat de baby bij de verdachte was tijdens het ontstaan van de verwondingen. Ook is daardoor niet zeker dat hij de enige persoon is die ze veroorzaakt kan hebben. Daarbij kunnen niet alle verwondingen veroorzaakt zijn door het stevig vasthouden van de baby. Dit betekent volgens de rechtbank dat er geen wettig en overtuigend is dat de verdachte de baby heeft mishandeld. Daarom spreekt de rechtbank hem daarvan vrij.